Klantlogin

Hier vindt u de login mogelijkheden van onze portals en online services. Selecteer de gewenste dienst en log in met uw persoonlijke inlogcode.

Heeft u nog geen inloggegevens?
Neemt u dan contact met ons op.

Neem contact op

Actueel

Nieuws | Geplaatst op 11 november 2024

Handhaving schijnzelfstandigheid ZZP’ers

De afgelopen tijd is er binnen de politiek veel te doen geweest over de schijnzelfstandigheid van ZZP’ers. Vanuit de Belastingdienst is er de afgelopen jaren niet gehandhaafd op de ZZP wetgeving. Vanaf 1 januari 2025 gaat dit veranderen.

Op wie is deze nieuwsflits van toepassing?

Wat gaat er veranderen?

In 2016 is de wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (DBA) in werking getreden. Deze wet (DBA) ziet erop toe dat ZZP’ers daadwerkelijk zelfstandig opereren en er geen sprake is schijnzelfstandigheid. Op deze wet werd nauwelijks gehandhaafd door de Belastingdienst.

Vanaf 1 januari 2025 gaat dit veranderen! De Belastingdienst zal meer gaan handhaven op deze wet, dit houdt in dat er bij een overtreding van deze wetgeving direct door de Belastingdienst correctieverplichtingen, naheffingsaanslagen en boetes opgelegd zullen worden. Dit zal met terugwerkende kracht tot 1 januari 2025 mogelijk zijn.

Wanneer is er sprake van schijnzelfstandigheid?

Van schijnzelfstandigheid is sprake als er gewerkt wordt als een zelfstandige, terwijl de werkende persoon voldoet aan alle criteria van een arbeidsovereenkomst en dus juridisch gezien eigenlijk een werknemer is. Het vraagstuk hierbij is: Wat is nu het verschil tussen de ZZP’er en de werknemer op de werkvloer. De criteria die aansluiten bij het begrip ‘werknemer’ zijn de volgende:

Deze gezagsverhouding is vaak lastig te bepalen, wanneer is er nu sprake van een gezagsverhouding? De gezagsverhouding wordt mede bepaald door de mate waarin de werkende persoon invloed heeft op zijn werktijden en werkzaamheden.

Aan de andere kant is er de ZZP’er, hierbij is het een aandachtspunt of de ZZP’er elders werkzaamheden kan verrichten, waarop de opdrachtgever geen invloed heeft. Een werknemer heeft over het algemeen maar 1 werkgever.

Ook het meenemen van eigen middelen naar de werkvloer is een belangrijk aspect binnen de schijnzelfstandigheid. De middelen die de werknemer gebruikt binnen zijn werkzaamheden worden over het algemeen beschikbaar gesteld door de werkgever. Een ZZP’er daarentegen zal vaak zelf voor zijn hulpmiddelen zorgen.

Kort gezegd: Hoe meer kenmerken er zijn die wijzen op een mogelijke arbeidsrelatie, hoe groter de kans dat de ZZP’er zal worden aangewezen als een schijnzelfstandige. Is er sprake van schijnzelfstandigheid, dan kan de Belastingdienst overgaan tot het opleggen van de eerder genoemde sancties.

Wat kunt u doen om deze sancties te voorkomen?

Allereerst is het raadzaam om uw situatie in kaart te brengen op basis van de onderstaande punten.

Zorg er dus voor dat er overeenkomsten zijn en controleer of deze nog overeenkomen met de feiten. Zijn er geen overeenkomsten? Zorg dan dat die worden opgesteld. Laat deze overeenkomsten door beide partijen ondertekenen

Bovenstaande actiepunten kunnen geen 100% garantie geven dat er in uw situatie geen schijnzelfstandigheid aanwezig is en dat de Belastingdienst geen naheffingsaanslagen en boetes op zal leggen. Deze actiepunten zijn enkel bedoeld om de risico’s zoveel als mogelijk te verminderen.

Misleidende adviezen

Zelfstandigen krijgen veel misleidende adviezen over de manier waarop ze de controle op schijnzelfstandigheid kunnen ontlopen, waarschuwt de Belastingdienst.

Adviseurs raden zzp’ers soms aan om een bv op te richten. Maar dat werkt niet, verklaart de fiscus tegenover De Telegraaf. “Wij kijken door dit soort constructies heen.” Het ministerie van SZW en de Belastingdienst waarschuwden in een webinar voor misleidende adviezen. “Wij zien partijen die via websites en sociale media propageren dat het oprichten van een bv je beschermt tegen het risico om naheffingen te krijgen.” Met een bv zouden ze in loondienst werken. “Maar dat heeft weinig zin. Iemand die onder werkgeversgezag staat, is ook een werknemer als hij via zijn eigen bv werkt.”

Geen garanties

De Vereniging Zelfstandigen Nederland (VZN) ziet partijen die zzp’ers garanderen dat ze niet in de problemen komen als ze hun formule of stappenplan volgen, zegt voorzitter Cristel van de Ven. Maar garanties kunnen niet gegeven worden, want de criteria die op een dienstverband wijzen, moeten in samenhang bekeken worden. “Daarbij zegt de Belastingdienst dat ze alles per situatie bekijken en daarna pas met een oordeel komen.”

Bv kan soms een uitkomst zijn

Ook constructies als een maatschap, vennootschap of corporatie zijn schijnoplossingen, zegt advocaat Boris Emmerig. Volgens hem hoeft een bv niet per definitie een verkeerde optie te zijn: ”Je kan als groepje zzp’ers in bijvoorbeeld de bouw best zeggen: ik richt een eigen organisatie op, met een eigen pand, eigen uitstraling, misschien neem je personeel in dienst. Dan krijg je een andere manier van werken en voldoe je wel aan de criteria.”

Van de Ven stelt dat veel zzp’ers zich niet in allerlei bochten hoeven te wringen uit angst voor handhaving: “Kijk vooral goed hoe je je opdrachten verwerft en of je daadwerkelijk als zzp’er je werk uitvoert. Dat kan bijvoorbeeld door je te laten inhuren op basis van jouw unieke kwaliteiten, met een resultaatverplichting, op projecten met een duidelijk begin en eind.”

Wilt u overeenkomsten laten opstellen of beoordelen, of heeft u overige vragen, neem dan contact op met uw relatiebeheerder of salarisadministrateur.

Contact

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
  • Bronnen: Rijksoverheid, Belastingdienst en Brightmine