Hier vindt u de login mogelijkheden van onze portals en online services. Selecteer de gewenste dienst en log in met uw persoonlijke inlogcode.
Heeft u nog geen inloggegevens?
Neemt u dan contact met ons op.
Mijn naam is Johan Roon, ik ben 54 jaar en geboren en getogen in Stellendam. Een dorp op Goeree-Overflakkee waar ik ook vandaag de dag met veel plezier woon. Ik ben getrouwd met Corina – ook uit Stellendam en vader van twee jongens Max en Thijmen. In mijn vrije tijd ben ik voornamelijk bezig met mijn gezin en sport; dat laatste doe ik structureel vier keer per week.
Bij WEA Zuid-West werk ik al sinds de jaren ’90. Ik zeg altijd: ik ben nooit van werkgever veranderd, maar de werkgever is wél veranderd. In totaal heb ik “drie werkgevers gehad”, terwijl ik zelf gewoon ben blijven zitten. Dat is ook meteen de rode draad in mijn verhaal: trouw aan mensen, trouw aan klanten, en fan van structuur.
Toen ik studeerde bestond er nog geen voltijd accountancy-opleiding zoals nu. Ik heb daarom Bedrijfseconomie gedaan aan de HES in Rotterdam. In mijn laatste jaar liep ik stage bij Deloitte Rotterdam, in de controlepraktijk.
Die stage was meteen ook de reden dat ik dacht: dit ga ik niet doen. Pensioenfondsen controleren, vinkwerk, veel onderweg – dat voelde voor mij niet als een leven waarin ik zou passen. Dus toen ik klaar was met mijn studie had ik nog geen baan in de accountancy, en werkte ik zelfs tijdelijk in een vishandel in Stellendam.
Totdat Randstad belde: er was een functie bij Deloitte, maar dan in Zierikzee en vooral gericht op het MKB. “Dit is anders dan controlepraktijk,” zeiden ze. Omdat ik toch iets moest, ben ik gaan praten. En dat gesprek bleek het begin van mijn inmiddels bijna 32-jarige carrière.
Zo kwam ik in juni 1994 als uitzendkracht in Zierikzee terecht en trad ik in november van datzelfde jaar officieel in dienst. En toen begon het bijzondere: eerst was het Deloitte (waar ik begon), daarna kwam de periode van de fusie met administratiekantoor Buijs nog steeds Deloitte toen. Met veel nieuwe collega’s waaronder de toen nieuwe vennoten Cees van der Have en Theun van der Have, overigens geen familie van elkaar. Het moment dat volgde ben ik nooit vergeten. In juni 2002 kwam het bericht dat Deloitte Zierikzee zou stoppen. Op één dag aan het eind van de middag hoorde iedereen: Deloitte in Zierikzee houdt op te bestaan en het kantoor gaat zelfstandig verder met Theun van der Have als kantoorvennoot.
Er kwam een keuze: meegaan richting Deloitte in Breda, of blijven. Ik heb gesprekken gehad in Breda, maar ik had hier al een klantenpakket, collega’s, mensen die ik kende. Dus ik koos: ik blijf hier. Toen werden we Van der Have Accountants en daarna sloten we ons als kantoor aan bij WEA. En dat bedoel ik dus met: ik ben nooit van baan veranderd, maar de werkgever veranderde om mij heen.
Uiteindelijk ben ik accountant geworden, maar dat had zomaar anders kunnen zijn. Ik heb de deeltijd opleiding accountancy gevolgd op de Hogeschool Brabant, dit is nu Avans. Mijn theorie had ik al in 2002 afgerond, maar dat laatste praktijk-/afstudeerstuk, daar zag ik zó tegenop. Ik werkte al lang, ik vond werken leuker dan verslag- en scriptiewerk, en mijn gedachte was: mijn werk verandert toch niet door die titel.
Totdat ik een schop onder mijn kont kreeg van Theun. “Maak het nou af, die titel komt je goed van pas,” was zijn boodschap – en hij had gelijk. Uiteindelijk heb ik het op het allerlaatste moment afgerond en ben ik in 2008 toch afgestudeerd. Achteraf ben ik blij dat ik het gedaan heb, want die titel doet natuurlijk wel degelijk iets.
Mensen vragen weleens: hoe hou je dat vol, 32 jaar bij dezelfde club? Het antwoord is simpel: dit vak verveelt nooit. De ene dag werk ik voor een notaris of deurwaarder, de andere dag voor een horecaondernemer, een modelabel of een autobedrijf. Ik zit aan tafel met huisartsen en vastgoedpartijen – en soms met een voormalig olympisch zwemmer of een varenkweker. Juist die mix maakt dat geen dag hetzelfde is.
Wat veel mensen niet zien, is hoe divers en soms onverwacht dit vak kan zijn. In de loop der jaren heb ik aan tal van dossiers gewerkt. Ik denk bijvoorbeeld aan een bespreking in Rotterdam, zeker vijftien jaar geleden, waarbij ik samen met Theun betrokken was – en waar zelfs de FBI en Russische partijen een rol speelden. Dat maakt één ding duidelijk: dit werk is allesbehalve saai, en achter cijfers schuilen soms bijzondere verhalen.
Daarnaast word ik in mijn werk ook enorm vrijgelaten. Dat sluit bij mij aan. Ik merk ook dat ik weinig onderscheid maak tussen groot en klein. Of iemand 10 miljoen omzet heeft of 10.000 euro: cijfers zijn cijfers. Het gaat mij om de mensen erachter, hun fase in het leven, hun vragen, hun zorgen, hun plannen.
Als ik één ding belangrijk vind in dienstverlening, dan is het betrouwbaarheid. En bijna net zo belangrijk: oprechte aandacht. Ik wil niet dat een klant belt en je denkt: wie is dit ook alweer? Dat vind ik niet kunnen. Sterker nog: als een klant me belt, kan ik vaak direct schakelen naar het hele plaatje – onderneming, historie, gezin, box 3-vermogen, afspraken van jaren terug.
Je zou me dan ook best een beetje een controlefreak kunnen noemen. Ik ben graag aanwezig bij belangrijke klantmomenten, omdat ik wil aanvoelen of het goed loopt. Negen van de tien keer gaat het prima, maar je wil net die ene keer vóór zijn dat er ruis ontstaat.
Klantcontact staat in werkplezier bovenaan de lijst. Die diversiteit aan mensen, gesprekken en situaties – dat maakt het werk leuk. Daarna komt iets wat bij mij ook echt in het systeem zit: cijfers kloppend krijgen. Ik ben altijd gek geweest op cijfers en op het moment dat iets niet klopt, wil ik weten waarom. En dan vind ik het mooi om ook de fiscale ingangen te zien: waar zit de oplossing, wat is slim, wat kan beter.
Ik hou bovendien van ingewikkeldheid als afwisseling: notarissen en deurwaarders zitten bijvoorbeeld aan veel regelgeving vast, met toezicht en strakke kaders. Dat vraagt scherpte – en dat vind ik leuk.
In juli 2022 ben ik in Frankrijk ernstig ziek geweest: hersenvliesontsteking. Ik heb acht dagen in coma gelegen. Toen ik wakker werd, dacht ik dat ik één dag kwijt was – het bleken er acht. Mijn grootste angst was niet eens het ziekenhuis, maar de vraag: komt mijn hoofd terug op niveau? Dat was spannend. Gelukkig wist ik alles nog en bleek mijn capaciteit in tact, maar sindsdien ben ik wel anders naar mijn gezondheid gaan kijken.
Ik heb er nog steeds last van, maar ik kan het verminderen door structuur en sport. Daarom sport ik nu vier keer per week. Ik deed het vroeger ook, maar niet zo consequent. Nu is het een vast onderdeel van hoe ik functioneer.
De kernles voor mij is niet zweverig: tegenslag hoort bij het leven. Maar als je er vol voor gaat, dan is de kans op herstel vele malen groter. Garantie dat het lukt is er nooit, maar het begint bij jezelf: willen én doen.
Ik ben nog van de “oude stempel”: ik draag altijd een pak, omdat ik vind dat dat bij het vak hoort. En het is ook grappig: klanten herkennen me soms niet als ik géén pak aan heb.
Vrije tijd is bij mij niet gevuld met tien hobby’s. Sport is de grootste. Verder vind ik vakantie belangrijk, en dan vooral Frankrijk. Ik ga er al van jongs af aan naartoe. Vroeger kamperen, nu nog steeds – maar wel graag “aankomen en alles staat klaar”: huren, gebruiken, achterlaten. Klaar.
En de toekomst? Ik maak het graag concreet. Ik heb altijd gezegd: na 40 jaar stop ik. Er kan nog een jaar overdracht bij komen, maar dan is het klaar. In mijn hoofd reken ik in leaseauto’s: nog twee leaseauto’s, en dan richting afronden.