Hier vindt u de login mogelijkheden van onze portals en online services. Selecteer de gewenste dienst en log in met uw persoonlijke inlogcode.
Heeft u nog geen inloggegevens?
Neemt u dan contact met ons op.
Vermogende particulieren krijgen de komende jaren te maken met belangrijke wijzigingen. Zowel de belastingheffing in box 3 als de aankoop van beleggins- en tweede woningen staat nadrukkelijk in de belangstelling van de wetgever.
Box 3 belast je privévermogen, zoals spaargeld, beleggingen en een tweede woning. Het huidige stelsel werkt grotendeels met forfaitaire rendementen. Is je werkelijke rendement lager dan het forfaitaire rendement? Dan kun je gebruikmaken van de tegenbewijsregeling.
De behandeling van het wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 is voorlopig stilgezet. Hierdoor is onzeker of het nieuwe box 3-stelsel per 1 januari 2028 wordt ingevoerd. Het kabinet onderzoekt onder meer of een vermogenswinstbelasting een beter alternatief is dan een vermogensaanwasbelasting. Bij een vermogenswinstbelasting betaal je pas belasting over de waardestijging bij bijvoorbeeld verkoop. Bij een vermogensaanwasbelasting telt ook een nog niet gerealiseerde waardestijging jaarlijks mee.
Zolang deze onzekerheid blijft bestaan, geldt het huidige stelsel. De forfaitaire berekening en de tegenbewijsregeling blijven dan leidend. Een goede administratie van inkomsten, kosten en waardeveranderingen blijft daarom belangrijk.
Zorg voor een complete administratie van je box 3-vermogen. Leg per vermogensbestanddeel de ontvangen rente, het ontvangen dividend, de huurinkomsten, gemaakte kosten en waardeveranderingen vast. Daarmee kun je je werkelijke rendement onderbouwen als dit in de toekomst relevant blijkt voor de belastingheffing.
Voor woningen die je niet als hoofdverblijf gebruikt, geldt een apart tarief voor de overdrachtsbelasting. Dit tarief geldt onder meer voor verhuurde woningen, tweede woningen en vakantiewoningen die voor de overdrachtsbelasting als woning kwalificeren.
Per 1 januari 2027 daalt het overdrachtsbelastingtarief voor deze woningen van 8% naar 7%. Het algemene tarief voor bedrijfspanden blijft ongewijzigd. Ook het tarief van 2% voor woningen die je duurzaam als hoofdverblijf gaat gebruiken en de startersvrijstelling veranderen niet.
Koop je vanaf 1 januari 2027 een woning van € 500.000 die je niet zelf als hoofdverblijf gebruikt? Dan betaal je door de tariefsverlaging € 5.000 minder overdrachtsbelasting. De maatregel geldt niet voor bedrijfspanden en andere niet-woningen. Bij gemengde objecten, transformaties en projectontwikkelingen bepaalt de kwalificatie van het object welk tarief van toepassing is. Daarbij zijn de aard, inrichting en staat van het object op het moment van verkrijging van belang.
Laat vóór ondertekening van de koopovereenkomst beoordelen of het object voor de overdrachtsbelasting als woning kwalificeert en welk tarief van toepassing is. Onderzoek daarnaast of levering bij de notaris op of na 1 januari 2027 fiscaal voordeel oplevert en juridisch en commercieel haalbaar is.
Heeft u nog vragen? Neem dan contact met ons op.
Bron: SRA